Equitherapie

Het paard met zijn specifieke sociale leer- en bewegingsmogelijkheden werkt  mee als "co-therapeut” om mensen (kinderen en volwassenen) met psychische en/of lichamelijke problemen systematisch te helpen of ze in hun ontwikkeling te bevorderen. Zowel het contact met het paard vanaf de grond (aaien, poetsen) als het orthopedagogisch longeren en het therapeutisch paardrijden zijn onderdeel van deze therapie.

Er zijn vijf fasen te benoemen bij het opbouwen van de therapie:
•    Inleidingsfase: Het paard leren kennen en onderzoeken, waarbij de cliënt zelf de grenzen bepaald. Mogelijkheden ontdekken en wensen en verwachtingen formuleren.
•    Oefenfase: Lichamelijk samenspel uitproberen, gedragen worden (het paard bestijgen), ritme beleven en aanpassen (naast of op het paard), bewust worden van bewegen en durven vertrouwen.
•    Belevingsfase: Bewust worden van waarneming en gevoelens (en deze toelaten en benoemen). Bewust worden van impulsen en van wat er in je speelt.
•    Verwerkingsfase: Structureren van je waarnemingen en gevoelens en in het “hier en nu” symbolische alternatieven beleven. Conflicten, wensen en behoeften in hun historische samenhang herkennen. Het beleefde bewust opslaan en vasthouden.
•    Transfer fase: Vertalen van het met het paard beleefde naar het dagelijkse leven. Een brug slaan van het paard als interactiepartner naar het “het echte leven”.

Het doorlopen van deze fases is uiteraard voor elke cliënt anders en kan aangepast worden aan de mogelijkheden en de wensen van de cliënt.

Please publish modules in offcanvas position.